Hoe toon ik het aandeel gerecycleerd kobalt, lithium, nikkel en lood aan?
Aantonen gebeurt via een berekening per batterijmodel en fabriek
Het aandeel gerecycled kobalt, lithium, nikkel en lood wordt aangetoond met een berekening van de hoeveelheid van dat materiaal die afkomstig is uit productieafval of uit gebruikt materiaal (post-consumer afval), uitgedrukt als percentage van het totale kobalt, lithium, nikkel of lood dat in de actieve materialen van de batterij zit. Deze berekening gebeurt per batterijmodel en per fabriek, en wordt herhaald per jaar, zodat het cijfer een gemiddelde weergeeft van de productie in die periode en niet van één losse batterij. De uitkomst hoort thuis in de technische documentatie van de batterij en, zodra het digitale batterijpaspoort voor het betreffende batterijtype verplicht is, ook in dat paspoort zelf — zodat een importeur, handelaar of eindgebruiker het gehalte kan terugvinden zonder de fabrikant apart te hoeven benaderen.
Voor welke batterijen en materialen dit geldt
Deze verplichting geldt voor industriële batterijen (met uitzondering van batterijen die uitsluitend extern worden opgeslagen zonder in het apparaat zelf te zitten), batterijen voor elektrische voertuigen en start-, verlichtings- en ontstekingsbatterijen (SLI-batterijen), voor zover deze kobalt, lood, lithium of nikkel bevatten in hun actieve materialen. Batterijen voor lichte vervoermiddelen, zoals de accu van een e-bike of een deelscooter, vallen hier niet onder — voor die categorie beschrijft artikel 8 geen verplichting rond gerecycled materiaal. Ook geldt de verplichting alleen voor de vier genoemde metalen; voor andere materialen in de batterij, zoals koper of grafiet, schrijft dit artikel geen aandeel gerecycled materiaal voor. Wie twijfelt of een specifiek batterijtype onder de definities uit de verordening valt, vindt de indeling in de verordening zelf.
Vanaf wanneer de verplichting ingaat
Artikel 8 werkt met een oplopende reeks aan verplichtingen. Vanaf 18 augustus 2028 geldt dat de technische documentatie het gehalte aan gerecycled kobalt, lood, lithium en nikkel vermeldt — dit is in eerste instantie een informatieplicht, zonder dat er dan al een minimumpercentage wordt voorgeschreven. Vanaf 18 augustus 2031 komt daar een minimumaandeel bij: 16% voor kobalt, 85% voor lood, 6% voor lithium en 6% voor nikkel. Vanaf 18 augustus 2036 lopen die minimumpercentages verder op, naar 26% voor kobalt, 85% voor lood, 12% voor lithium en 15% voor nikkel. Tot 18 augustus 2028 beschrijft artikel 8 nog geen enkele verplichting rond deze gegevens; niets staat een fabrikant er overigens in de weg om het gehalte al eerder vrijwillig te vermelden.
Hoe dit in de praktijk wordt aangepakt
Voor een importeur of handelaar die de gegevens voor het productpaspoort aanlevert, begint dit bij de fabrikant: de herkomst en het aandeel gerecycled kobalt, lood, lithium en nikkel worden namelijk vastgesteld op het niveau van de batterijfabriek, niet op het niveau van de importeur of verkoper. De eerste stap is nagaan of de fabrikant deze gegevens al bijhoudt en kan aanleveren, bijvoorbeeld via een verklaring of certificaat per batterijmodel en productielocatie. De tweede stap is controleren of het aangeleverde cijfer aansluit op de juiste periode: het gaat om een gemiddelde per jaar per fabriek, dus een losse meting of steekproef is op zichzelf niet voldoende. De derde stap is deze gegevens laten meenemen bij het samenstellen van het paspoort, zodat ze op het juiste moment bij de gegevens uit bijlage XIII terechtkomen. Voor batterijen die nu al op de markt komen en na 2028 nog relevant zijn, is het praktisch deze aanlevering nu al met de fabrikant af te spreken, zodat de documentatie niet achteraf hoeft te worden aangevuld.
De basis: artikel 8 en bijlage XIII
Dit volgt uit artikel 8 van Verordening (EU) 2023/1542 (batterijenverordening), dat het gehalte aan gerecycled materiaal regelt: welke batterijen en materialen het betreft, hoe het aandeel per batterijmodel en fabriek wordt berekend, en welke percentages en data daarbij horen. Welke gegevens hierover specifiek in het digitale batterijpaspoort moeten verschijnen, staat in bijlage XIII bij dezelfde verordening — de bijlage die de volledige lijst met verplichte paspoortgegevens bevat.
Wie nu al gegevens verzamelt voor een batterij die onder artikel 8 valt, doet er goed aan bij de fabrikant te vragen naar het aandeel gerecycled kobalt, lood, lithium en nikkel per batterijmodel en productielocatie, en die gegevens samen met de rest van de technische documentatie te bewaren zodat ze klaarliggen zodra de verplichting voor het betreffende batterijtype ingaat.
Waar dit op gebaseerd is
- Verordening (EU) 2023/1542, artikel 8 (gehalte aan gerecycled materiaal)
- Verordening (EU) 2023/1542, bijlage XIII (gegevens in het batterijpaspoort)
De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
Wat er van u wordt verwacht
Het aandeel gerecycled kobalt, lithium, nikkel en lood benoemen
Artikel 8 van de Verordening (EU) 2023/1542 (batterijenverordening) verplicht tot het vermelden van het percentage gerecycled materiaal dat afkomstig is uit productie- en verbruiksafval, per batterij of per batterijmodel, voor deze vier stoffen. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit in de praktijk dat er een cijfer per stof beschikbaar moet zijn, niet alleen een kwalitatieve bewering als "bevat gerecycled materiaal". Wie batterijen importeert of samenstelt uit cellen van een toeleverancier, is voor dit cijfer afhankelijk van wat die toeleverancier kan aanleveren — en dat gegeven moet ergens vastliggen voordat het paspoort wordt samengesteld.
Het cijfer herleidbaar houden naar een bron
Een percentage alleen is niet voldoende als niet duidelijk is waar het vandaan komt. De gegevens die in het batterijpaspoort moeten staan, zijn beschreven in bijlage XIII van de Verordening (EU) 2023/1542 (batterijenverordening), en het aandeel gerecycled materiaal is daar één van de posten naast andere materiaalgegevens. Dat roept meteen de vraag op hoe dit zich verhoudt tot de gegevens over de materialen in een batterij die precies moeten worden opgegeven — het aandeel gerecycled materiaal is een aanvulling op de materiaalsamenstelling, geen vervanging ervan. Beide gegevens moeten naast elkaar bestaan in het paspoort.
Het onderscheid maken tussen productieafval en verbruiksafval
De verordening spreekt over gerecycled materiaal uit productieafval én uit verbruiksafval (post-consumer recyclaat). Dit onderscheid is relevant omdat het iets zegt over de herkomst van het materiaal: resten uit een productieproces zijn iets anders dan materiaal dat is teruggewonnen uit afgedankte batterijen. Voor een bedrijf dat cellen inkoopt bij verschillende leveranciers kan dit betekenen dat het aandeel per leverancier en per levering kan verschillen, en dat een gemiddeld cijfer niet zonder toelichting bruikbaar is voor één specifiek batterijmodel.
Het cijfer actueel houden per model of productiebatch
Omdat het aandeel gerecycled materiaal afhankelijk is van de betreffende productie, ligt het niet vast voor de hele levensduur van een productlijn. Dit raakt de vraag hoe vaak de gegevens in het batterijpaspoort moeten worden bijgewerkt — een wijziging in de toeleveringsketen of in het recyclingpercentage van een leverancier kan gevolgen hebben voor het cijfer dat in een lopend of nieuw paspoort wordt opgenomen.
Waar het misgaat in de praktijk
Een schatting wordt als hard cijfer gepresenteerd. Een importeur krijgt van de celfabrikant een algemene marketingclaim ("30% gerecycled materiaal") zonder onderliggende specificatie per stof, en neemt dat cijfer over als was het een gemeten waarde voor kobalt, lithium, nikkel en lood afzonderlijk.
Het cijfer wordt niet per stof uitgesplitst. Er wordt één percentage genoemd voor "gerecycled materiaal" in het algemeen, terwijl de verplichting vraagt om een aandeel per afzonderlijke stof — kobalt, lithium, nikkel en lood hebben elk hun eigen cijfer nodig.
De herkomst van het cijfer is niet meer te achterhalen. Een half jaar na het samenstellen van het paspoort wordt gevraagd waar het percentage op gebaseerd was, en niemand in het bedrijf kan nog aanwijzen welk document, welke leveranciersverklaring of welke berekening aan de basis lag.
Een gemiddeld cijfer wordt toegepast op een individueel batterijmodel. Een handelaar gebruikt een sectorgemiddelde of een cijfer van een vergelijkbaar model, omdat de eigen leverancier geen exact percentage kan aanleveren voor de specifieke batch.
Wijzigingen bij de leverancier worden niet doorgevoerd in bestaande paspoorten. De toeleveringsketen verandert — een nieuwe grondstofbron, een ander recyclingpercentage — maar het al gepubliceerde paspoort blijft het oude cijfer tonen.
Wat u kunt vastleggen
- Een leveranciersverklaring per stof, waarin de celfabrikant of grondstofleverancier het aandeel gerecycled materiaal voor kobalt, lithium, nikkel en lood afzonderlijk specificeert, inclusief een aanduiding of het productieafval of verbruiksafval betreft.
- Een document dat het verschil tussen schatting en gemeten waarde markeert, zodat bij een controle duidelijk is welk cijfer op welke basis is aangeleverd en welke onzekerheid daarbij hoort.
- Een koppeling tussen het percentage en een specifiek batterijmodel of productiebatch, zodat een cijfer niet losstaat van de partij waarop het van toepassing is.
- Een overzicht van wanneer een leverancier voor het laatst een cijfer heeft aangeleverd, als basis voor het beoordelen of een update nodig is bij een nieuwe levering of contractwijziging.
- Een dossier waarin het aandeel gerecycled materiaal wordt gekoppeld aan de bredere materiaalsamenstelling, zodat deze twee gegevens — die apart maar wel samenhangend in bijlage XIII van de Verordening (EU) 2023/1542 (batterijenverordening) staan — niet los van elkaar in verschillende systemen belanden.
- Een sjabloon voor de leveranciersvraag, om bij elke nieuwe toeleverancier of celpartij dezelfde vragen te stellen over herkomst, meetmethode en percentage, zodat de gegevens onderling vergelijkbaar blijven.
Wie zich afvraagt hoe dit percentage zich verhoudt tot andere verplichte gegevens in het paspoort, zoals de prestatie- en duurzaamheidsgegevens die verplicht zijn of de bredere vraag welke gegevens er precies in het batterijpaspoort moeten staan, doet er goed aan het aandeel gerecycled materiaal niet als een geïsoleerd cijfer te behandelen, maar als onderdeel van een dossier dat de hele materiaalherkomst van de batterij dekt.
Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.